| Glaskeramische oppervlak is geraakt of gebroken |
Impact met scherp of hard voorwerp, zoals een gereedschap |
Onmiddellijk het apparaat van het elektriciteitsnet afkoppelen en contact opnemen met de Technische Ondersteuning. Gebruik het apparaat niet totdat het is gerepareerd. |
| Deur sluit niet goed en er ontsnapt warmte |
Beschadigde of slechte afdichtingsrubbers rond de deuropening |
Controleer regelmatig de staat van de deurverzegeling rond de ovendeur. Neem contact op met het dichtstbijzijnde Technische Ondersteuningscentrum als er schade is. |
| Ovenlampje werkt niet |
Gloeilamp is defect of los |
Schroef het glaskap los van de lamp. Verwijder de oude lamp en vervang deze door een nieuwe van 25 W, aansluiting E 14. Monteer de dop weer. |
| Plastic onderdelen of aluminiumfolie beschadigd op binnenoppervlak |
Plastic objecten of aluminiumfolie achtergelaten op nog warme oppervlakken na gebruik |
Verwijder geen plastic materialen of aluminiumfolie van warme oppervlakken. Wacht totdat de oven afgekoeld is voordat u iets uit het apparaat haalt. |
| Vergeelde of beschadigde voorkant glas |
Gebruik van ruwe materialen of schurende reinigingsmiddelen |
Reinig het glas met een spons en warm water met neutrale zeep. Gebruik geen schurende poeders of bijtende stoffen. Gebruik geen rauw of geslepen materiaal. |