| Gaslek na installatie |
Losse verbindingen of slechts aangezette koppelingen |
Controleer alle verbindingen en buizen met een zeepoplossing. Nooit een vlam gebruiken voor controle. Zorg ervoor dat flexibele slangen niet in contact staan met bewegende delen en niet kunnen worden beschadigd. |
| Beschadiging van de plaat bij installatie |
Niet volgen van correcte installatievolgorde |
Volg de volgorde: 1) Schroef de onderdelen in de getoonde volgorde. 2) Trek de koppelingen stevig aan met hexagonale sleutels. 3) Verbind de gastoevoer via een starre koperleiding of roestvrijstalen flexibele slang. |
| Onvoldoende ventilatie in de keuken |
Intensief gebruik van gasapparaat produceert warmte en vochtigheid |
Zorg voor goede ventilatie door ventilatieopeningen open te houden of een afzuigkap te installeren. Bij intensief en langdurig gebruik vensterluiken openen of mechanische afzuigkracht verhogen. Zonder veiligheidsvoorziening moet ventilatie minimaal 200 cm² zijn. |
| Onvoldoende koeling van apparaat onder inbouwplaat |
60 cm plaat geïnstalleerd boven oven zonder ventilatiepiraat |
Maak openingen in het meubelwerk met minimaal 300 cm² oppervlakte op de aangegeven punten in figuur 4. Voor 75 cm platen moet de oven zijn uitgerust met integraal ventilatiepiraat. |
| Onjuist gastype ingesteld |
Apparaat niet aangepast aan beschikbare gastoevoer |
Verwijder het rooster en brander. Voer een hexagonale sleutel (7 mm) in de brandersteuner in. Schroef de injector los en vervang deze door de juiste voor uw gastype volgens de gasverbruikstabel. |