Foutcodes - Remeha HMI Gas 610 ECO PRO

Deze codes worden op het display van uw apparaat weergegeven wanneer er een probleem wordt gedetecteerd.

Meest voorkomende foutcodes - Remeha HMI Gas 610 ECO PRO

5v[0
Parameterfout
KRITIEK
5v[1
Maximale aanvoertemperatuur overschreden
KRITIEK
5v[10
Blokkerende ingang is actief
KRITIEK
5v[11
Blokkerende ingang of vorstbeveiliging is actief
KRITIEK
5v[13
Communicatiefout met de SCU BUS print
KRITIEK
36 van 36
Foutcode Beschrijving Oplossing Ernst
5v[0 KRITIEK Parameterfout Parameters herstellen met print Recom. Controleer df en dV opnieuw instellen. KRITIEK
5v[1 KRITIEK Maximale aanvoertemperatuur overschreden Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer waterdruk. Controleer reden van warmtevraag. KRITIEK
5v[10 KRITIEK Blokkerende ingang is actief Controleer parameters. Controleer de bedrading op slechte verbinding. Neem externe oorzaak weg. KRITIEK
5v[11 KRITIEK Blokkerende ingang of vorstbeveiliging is actief Controleer parameters. Controleer de bedrading op slechte verbinding. KRITIEK
5v[13 KRITIEK Communicatiefout met de SCU BUS print Controleer de bedrading. Zorg dat SCU print aanwezig is in ketel. Voer automatische detectie uit. KRITIEK
5v[14 KRITIEK De waterdruk is te laag Controleer waterdruk van de installatie. Controleer instelling waterdruksensor. Controleer instelling parameter 28. Controleer op waterzijdige lekkage. KRITIEK
5v[15 KRITIEK Gasdruk te laag Controleer of de gaskraan goed geopend is. Controleer de gasaanvoerdruk. Controleer of de Gps schakelaar goed gemonteerd is. Vervang schakelaar Gps indien nodig. KRITIEK
5v[16 KRITIEK Configuratiefout of SU print niet herkend Vervang SU print. Controleer of de juiste SU print voor deze ketel is gebruikt. KRITIEK
5v[17 KRITIEK Configuratiefout of default parametertabel niet in orde Vervang PCU print. Controleer parameterfout in de PCU print. KRITIEK
5v[18 KRITIEK Configuratiefout of PSU print niet herkend Vervang PCU print. Controleer of de juiste PCU print voor deze ketel is gebruikt. KRITIEK
5v[19 KRITIEK Configuratiefout of parameters df-dV onbekend df en dV opnieuw instellen. KRITIEK
5v[21 KRITIEK Communicatiefout met de SU print Controleer of de SU print juist in de connector op de PCU print is geplaatst. Controleer de bedrading op slechte verbinding. KRITIEK
5v[22 KRITIEK Vlamwegval tijdens bedrijf Ontlucht de gasleiding. Controleer of de gaskraan goed geopend is. Controleer de gasaanvoerdruk. Controleer correcte werking en afstelling gasblok. Controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping. Controleer op rookgasrecirculatie. Controleer de bedrading. KRITIEK
5v[24 KRITIEK Gaslekcontrole fout Vervang het gasblok. Vervang gaslekcontrole VPS. Controleer de bedrading op slechte verbinding. KRITIEK
5v[25 KRITIEK Interne fout SU print Vervang SU print. KRITIEK
5v[3 KRITIEK Maximale stijging van de warmtewisselaartemperatuur is overschreden Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer de goede werking van de sensors. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. KRITIEK
5v[4 KRITIEK De maximale stijgsnelheid van de aanvoertemperatuur is overschreden Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer waterdruk. Controleer reden van warmtevraag. KRITIEK
5v[5 KRITIEK Maximaal verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur overschreden Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer de goede werking van de sensors. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. KRITIEK
5v[6 KRITIEK Maximaal verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur overschreden Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer de goede werking van de sensors. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. KRITIEK
5v[8 KRITIEK Geen vrijgavesignaal Controleer parameters. Controleer de bedrading op slechte verbinding. KRITIEK
5v[9 KRITIEK Fase en nul van netspanning omgewisseld Fase en nul omwisselen. Zet parameter p34 op 0. Neem externe oorzaak weg. KRITIEK
e[00 KRITIEK Parameter storage unit PSU niet gevonden Controleer de bedrading op slechte verbinding. KRITIEK
e[01 KRITIEK Veiligheids parameters niet in orde Controleer de bedrading op slechte verbinding. Vervang PSU indien defect. KRITIEK
e[02 KRITIEK Aanvoer temperatuursensor kortgesloten Controleer de bedrading op slechte verbinding. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensors. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[03 KRITIEK Aanvoer temperatuursensor open Controleer de bedrading op slechte verbinding. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensors. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[04 KRITIEK Temperatuur warmtewisselaar te laag Ontlucht de CV-installatie. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer waterdruk. Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. KRITIEK
e[05 KRITIEK Temperatuur warmtewisselaar te hoog Controleer de bedrading op slechte verbinding. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensors. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[06 KRITIEK Retour temperatuursensor kortgesloten Controleer de bedrading op slechte verbinding. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensors. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[07 KRITIEK Retour temperatuursensor open Controleer de bedrading op slechte verbinding. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensors. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[08 KRITIEK Retour temperatuur te laag Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Ontlucht de CV-installatie. Controleer geen doorstroming. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer waterdruk. KRITIEK
e[09 KRITIEK Retour temperatuur te hoog Controleer de bedrading op slechte verbinding. Controleer waterdruk. Controleer de goede werking van de verwarmingspomp. Controleer de goede werking van de sensors. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[10 KRITIEK Te veel verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur Ontlucht de CV-installatie. Controleer waterdruk. Controleer de goede werking van de verwarmingspomp. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[11 KRITIEK Te veel verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur Ontlucht de CV-installatie. Controleer waterdruk. Controleer de goede werking van de verwarmingspomp. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[12 KRITIEK Luchtdrukverschil schakelaar is aangesproken / Temperatuur warmtewisselaar boven normaal bereik Controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping. Controleer de goede werking van de verwarmingspomp. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Vervang sensor indien nodig. KRITIEK
e[14 KRITIEK 5 mislukte branderstarts / Wel vlam maar geen of onvoldoende ionisatie Controleer bekabeling ontstekingstrafo. Controleer ionisatie-/ontstekingselektrode. Controleer doorslag naar massa/aarde. Controleer aarding. Controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping. Controleer of de gaskraan goed geopend is. Controleer de gasaanvoerdruk. Ontlucht de gasleiding. Controleer correcte werking en afstelling gasblok. Controleer de conditie van het branderdek. Controleer de bekabeling van het gasblok. Controleer de bekabeling ionisatie-/ontstekingselektrode. KRITIEK
5v[20 INFORMATIE Configuratieprocedure actief Geen actie nodig. Dit is een korte status actief na inschakelen van de ketel. INFORMATIE

Probleemoplossing - Remeha HMI Gas 610 ECO PRO

Veelvoorkomende problemen en oplossingen - ook zonder foutcode op het display.

15 van 15

Verbinding & Smart Home 2

Probleem Oorzaak Oplossing
Slechte elektische verbinding van sensor Losse bedrading, slecht contact of defecte sensor veroorzaakt sensorfouten 1. Controleer alle bedrading van sensoren 2. Zorg voor goed contact in connectors 3. Controleer of de sensor correct gemonteerd is 4. Test de sensor op goede werking 5. Vervang sensor indien defect
Bedrading tussen componenten los of beschadigd Losse verbindingen, corrosie, of beschadigde kabels verstoren communicatie en voeding 1. Inspecteer alle bedrading op beschadigingen 2. Zorg voor goed contact in alle connectoren 3. Controleer op corrosie en reinig indien nodig 4. Vervang beschadigde kabels 5. Zorg voor juiste aarding

Installatie & Opstelling 3

Probleem Oorzaak Oplossing
Fase en nul van netspanning omgewisseld Incorrect aansluiting van fase en nul veroorzaakt blokkering van de ketel 1. Schakel de ketel uit 2. Wissel fase en nul om in de stroomvoorziening 3. Als probleem aanhoudt, stel parameter p34 op 0 4. Start de ketel opnieuw
Parameters niet correct ingesteld Verkeerde parameterinstellingen veroorzaken foutief gedrag en blokkering 1. Raadpleeg de parameterlijst in de handleiding 2. Stel parameters opnieuw in met Recom print 3. Voor kritische parameters zoals p34: volg instructies exact op 4. Herstellen parameters indien nodig 5. Test ketel na wijziging
Ketel op handbedrijf zetten Regelaar nog niet aangesloten of handmatige bediening nodig 1. Druk tegelijk op twee f toetsen en daarna op [+] totdat symbool E knippert 2. Druk op toets S - display toont minimale aanvoertemperatuur 3. Druk op [+] om aanvoertemperatuur handmatig te verhogen 4. Bevestig waarde met toets S 5. Druk 2x op toets > om menu te verlaten

Onderhoud & Verzorging 2

Probleem Oorzaak Oplossing
Warmtewisselaar vervuild Aanslag of vervuiling in de warmtewisselaar vermindert de doorstroming en temperatuuroverdracht 1. Controleer de warmtewisselaar visueel op vervuiling 2. Reinig de warmtewisselaar indien nodig 3. Zorg voor voldoende doorstroming 4. Controleer of sensoren correct zijn gemonteerd
Luchttoevoer of rookgasafvoer verstopt Verstopte luchttoevoer- of rookgasafvoerkanalen belemmeren normale werking 1. Controleer luchttoevoer op verstopingen 2. Controleer rookgasafvoer op verstopingen 3. Verwijder obstakels en vervuiling 4. Controleer op rookgasrecirculatie

Prestaties & Werking 5

Probleem Oorzaak Oplossing
Gasdruk te laag Gaskraan niet volledig geopend, onvoldoende gasaanvoerdruk, of defecte gasdrukschakelaar 1. Controleer of de gaskraan volledig geopend is 2. Controleer de gasaanvoerdruk 3. Controleer of de Gps gasdrukschakelaar correct gemonteerd is 4. Vervang de Gps schakelaar indien nodig
Gasleiding bevat lucht Lucht in de gasleiding voorkomt juiste gaswerkstof naar de brander 1. Ontlucht de gasleiding 2. Controleer of de gaskraan goed geopend is 3. Controleer de gasaanvoerdruk 4. Test de brander opnieuw
Vlamwegval tijdens bedrijf Geen ionisatiestroom, verstopping in luchttoevoer/rookgasafvoer, rookgasrecirculatie, of slechte bedrading 1. Controleer ionisatiestroom van de brander 2. Controleer gasblok op correcte werking 3. Controleer luchttoevoer op verstopingen 4. Controleer rookgasafvoer op verstopingen 5. Zorg voor goede aarding en bedrading
Brander kan niet starten Geen ontstekingsvonk, defecte aansturing, gasblok defect, of slechte gastoevoer 1. Controleer ontstekingstrafo bedrading 2. Controleer ionisatie- en ontstekingselektrode op beschadigingen 3. Controleer aarding 4. Verifieer doorslag naar massa 5. Controleer gasblok werking 6. Ontlucht gasleiding 7. Controleer gaskraan en gasaanvoerdruk
Onvoldoende ionisatie bij vlam Defecte ionisatie-elektrode, slechte aarding, verkeerde gasblokinstelling, of vervuilde branderdek 1. Controleer ionisatie-elektrode op beschadigingen of vervuiling 2. Verifieer correcte aarding van de ketel 3. Controleer gasblok werking en afstelling 4. Inspecteer en reinig branderdek 5. Controleer bedrading van elektrode 6. Vervang elektrode indien defect

Waterproblemen 3

Probleem Oorzaak Oplossing
Doorstroming in het verwarmingssysteem onvoldoende Geen of te weinig doorstroming door de ketel, mogelijk door verkeerde richting, defecte pomp of gesloten kleppen 1. Controleer de doorstroming richting 2. Controleer de werking van de verwarmingspomp 3. Controleer of alle kleppen correct geopend zijn 4. Controleer de waterdruk van de installatie
Waterdruk te laag De waterdruk van de installatie is onvoldoende, verkeerde afstelling van waterdrukparameter, of waterzijdige lekkage 1. Controleer de waterdruk van de installatie 2. Controleer de afstelling van waterdruksensor 3. Controleer parameter 28 voor waterdrukinstelling 4. Zoek naar waterzijdige lekages in het systeem
Verwarmingssysteem bevat lucht Lucht in het CV-systeem veroorzaakt onvoldoende doorstroming en temperatuurproblemen 1. Ontlucht het CV-systeem volledig 2. Controleer waterdruk na ontluchting 3. Controleer doorstroming in de installatie 4. Controleer temperatuursensoren

Community-vragen

Stel een vraag

Was ist 3 + 4?
De foutcodes zijn afkomstig uit de officiële handleiding van de fabrikant.

Andere Remeha producten

Foutcode-assistent Online
Hallo! Ik ben uw foutcode-assistent voor de Remeha HMI Gas 610 ECO PRO. Voer een foutcode in en ik leg u uit wat het betekent en hoe u het probleem kunt oplossen.