Intergas Rapid 32
CV Ketel · 21 Display-foutcodes · 35 Probleemoplossingen
Foutcodes - Intergas Rapid 32
Deze codes worden op het display van uw apparaat weergegeven wanneer er een probleem wordt gedetecteerd.
Meest voorkomende foutcodes - Intergas Rapid 32
0
Sensorfout na zelftest
KRITIEK
0.0
Druksensorfout
KRITIEK
10
Sensorfout S1
KRITIEK
11
Sensorfout S1
KRITIEK
12
Sensorfout S1
KRITIEK
| Foutcode | Beschrijving | Oplossing | Ernst |
|---|---|---|---|
| 0 KRITIEK | Sensorfout na zelftest | 1. Controleer de bedrading op breuken. 2. Vervang ketelsenor S1 en/of S2. | KRITIEK |
| 0.0 KRITIEK | Druksensorfout | 1. Zet het verwarmingscircuit onder druk via de vulkraan. 2. Controleer of de druksensor niet verstopt is. | KRITIEK |
| 10 KRITIEK | Sensorfout S1 | 1. Controleer of de ketel moet worden ontlucht (handmatige luchtventiel linksboven op de ketel). 2. Controleer de bedrading op breuken. 3. Vervang S1 indien nodig. | KRITIEK |
| 11 KRITIEK | Sensorfout S1 | 1. Controleer of de ketel moet worden ontlucht (handmatige luchtventiel linksboven op de ketel). 2. Controleer de bedrading op breuken. 3. Vervang S1 indien nodig. | KRITIEK |
| 12 KRITIEK | Sensorfout S1 | 1. Controleer of de ketel moet worden ontlucht (handmatige luchtventiel linksboven op de ketel). 2. Controleer de bedrading op breuken. 3. Vervang S1 indien nodig. | KRITIEK |
| 13 KRITIEK | Sensorfout S1 | 1. Controleer of de ketel moet worden ontlucht (handmatige luchtventiel linksboven op de ketel). 2. Controleer de bedrading op breuken. 3. Vervang S1 indien nodig. | KRITIEK |
| 14 KRITIEK | Sensorfout S1 | 1. Controleer of de ketel moet worden ontlucht (handmatige luchtventiel linksboven op de ketel). 2. Controleer de bedrading op breuken. 3. Vervang S1 indien nodig. | KRITIEK |
| 2 KRITIEK | Wissel S1 en S2 | 1. Controleer de kabelstekker. 2. Vervang S1 of S2. | KRITIEK |
| 20 KRITIEK | Sensorfout S2 | 1. Controleer de bedrading op breuken. 2. Vervang S2 indien nodig. | KRITIEK |
| 21 KRITIEK | Sensorfout S2 | 1. Controleer de bedrading op breuken. 2. Vervang S2 indien nodig. | KRITIEK |
| 22 KRITIEK | Sensorfout S2 | 1. Controleer de bedrading op breuken. 2. Vervang S2 indien nodig. | KRITIEK |
| 23 KRITIEK | Sensorfout S2 | 1. Controleer de bedrading op breuken. 2. Vervang S2 indien nodig. | KRITIEK |
| 24 KRITIEK | Sensorfout S2 | 1. Controleer de bedrading op breuken. 2. Vervang S2 indien nodig. | KRITIEK |
| 27 KRITIEK | Kortsluiting buitensensor | Vervang de buitensensor. | KRITIEK |
| 29 KRITIEK | Relaisgas klep defect | Vervang de ketelbeheerder. | KRITIEK |
| 30 KRITIEK | Relaisgas klep defect | Vervang de ketelbeheerder. | KRITIEK |
| 4 KRITIEK | Geen vlamsignaal na 4 ontstekingspogingen | 1. Controleer of de gasisolatieklep gesloten is of geen gas bij de meter aankomt. 2. Controleer de ontstekingsafstand. 3. Controleer de brander op defecten. 4. Controleer op aardfout. 5. Controleer of de gasinlaatdruk niet te laag is en controleer de gasregelaar bij de meter. 6. Controleer of de gasklep en ontstekking spanning hebben. 7. Vervang de ketelbeheerder (PCB) indien nodig. | KRITIEK |
| 5 KRITIEK | Geen vlamsignaal na 4 herstarspogingen | 1. Controleer of de condensaatafvoer niet verstopt is. 2. Controleer de instelling van de gasklep. 3. Controleer op aardfout. | KRITIEK |
| 6 KRITIEK | Vlamdetectiefout | 1. Vervang het ontsteking snoer en vonksonde. 2. Vervang de ontstekingseenheid. 3. Controleer de branderbesturing. 4. Vervang de ketelbeheerder. | KRITIEK |
| 1 WAARSCHUWING | Temperatuur te hoog | 1. Controleer of er lucht in het systeem zit. 2. Controleer of de pomp draait. 3. Controleer de circulatie in het systeem; radiators kunnen gesloten zijn of pompinstelling te laag. 4. Controleer of de isolatiekraan niet gesloten is. | WAARSCHUWING |
| 8 WAARSCHUWING | Ventilatorsnelheid onjuist | 1. Controleer of de ventilator niet tegen de behuizing wrijft. 2. Controleer de bedrading tussen ventilator en behuizing. 3. Controleer de bedrading op slechte contacten (tacho-signaal). 4. Vervang de ventilator indien nodig. | WAARSCHUWING |
Probleemoplossing - Intergas Rapid 32
Veelvoorkomende problemen en oplossingen - ook zonder foutcode op het display.
Onderhoud & Verzorging 1
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Brander ontsteken niet | Ventilator vuil | Maak de ventilator schoon. |
Geluiden & Trillingen 7
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Brander ontsteken luidruchtig | Gastoevoerdruk te hoog | De huisdrukschakelaar kan defect zijn. Neem contact op met het gasbedrijf. |
| Brander ontsteken luidruchtig | Onjuiste ontstekingsafstand | Controleer de ontstekingselektrode-afstand. |
| Brander ontsteken luidruchtig | Zwakke vonk | Vervang de ontstekingselektrode. Vervang de ontstekingseenheid op het gasventieltje. |
| Brander ontsteken luidruchtig | Gas-/luchtafstelling niet correct ingesteld | Controleer de afstelling. Zie gas-/luchtafstelling. |
| Brander resoneert | Gastoevoerdruk te laag | De huisdrukschakelaar kan defect zijn. Neem contact op met het gasbedrijf. |
| Brander resoneert | Recirculatie van verbrandingsgassen | Controleer de gasafvoer en de luchttoevoer. |
| Brander resoneert | Gas-/luchtafstelling niet correct ingesteld | Controleer de afstelling, zie gas-/luchtafstelling. |
Overige problemen 8
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Brander ontsteken niet | Gaskraan gesloten | Open de gaskraan. |
| Brander ontsteken niet | Lucht in de gasleiding | Verwijder lucht uit de gasleiding. |
| Brander ontsteken niet | Gastoevoerdruk te laag | Neem contact op met het gasleveringsbedrijf. |
| Brander ontsteken niet | Geen ontsteking | Vervang de ontstekingselektrode. |
| Brander ontsteken niet | Geen vonk | Controleer de bedrading. Controleer de vonkplugkap. Vervang de ontstekingseenheid. |
| Brander ontsteken niet | Gas-/luchtafstelling niet correct ingesteld | Controleer de afstelling. Zie gas-/luchtafstelling. |
| Brander ontsteken niet | Ventilator defect | Controleer de bedrading. Controleer de zekering, vervang indien nodig de ventilator. |
| Brander ontsteken niet | Gasventieltje defect | Vervang het gasventieltje. Stel het gasventieltje opnieuw in, zie gas-/luchtafstelling. |
Prestaties & Werking 1
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Vermogen gereduceerd | Bij hoog toerental is het vermogen met meer dan 5% gedaald | Controleer het apparaat en het rookkanaal op vervuiling. Reinig het apparaat en het rookkanaal. |
Stroomvoorziening & Elektronica 2
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Geen verwarming (CV) | Geen stroom (24 V) | Controleer de bedrading volgens het diagram. Controleer connector X4. Vervang de defecte manager. Controleer de voeding. Controleer connector X2. |
| LED op CV-pomp knippert afwisselend rood en groen | Netspanning te hoog of te laag | Controleer het elektriciteitsnet. |
Temperatuurproblemen 7
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Geen verwarming (CV) | Ruimtethermostaat/weerafhankelijke afstelling niet gesloten of defect | Controleer de bedrading. Vervang de thermostaat. Vervang de weerafhankelijke afstelling. |
| Geen verwarming (CV) | Brander brandt niet op CV: sensor S1 of S2 defect | Vervang sensor S1 of S2. Zie foutcode. |
| CV bereikt temperatuur niet | Ruimtethermostaat afstelling onjuist | Controleer de afstelling en stel indien nodig bij. |
| CV bereikt temperatuur niet | Temperatuur te laag | Verhoog de CV-temperatuur. Zie Operating CH. Controleer buitensensor op kortsluiting. Herstel. |
| CV bereikt temperatuur niet | Kaliber of vervuiling in warmtewisselaar aan CV-zijde | Ontkalken of spoel de warmtewisselaar aan de CV-zijde. |
| Warm water bereikt temperatuur niet | Temperatuurinstelling voor watercircuit te laag | Stel het warmwatercircuit in, afhankelijk van de gewenste temperatuur. |
| LED op CV-pomp knippert afwisselend rood en groen | Temperatuur van de pomp te hoog | Controleer de water- en omgevingstemperatuur. |
Waterproblemen 9
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Geen verwarming (CV) | Pomp draait niet | Controleer de bedrading. Vervang defecte pomp. |
| CV bereikt temperatuur niet | Pomp draait niet correct. Pompinstelling te laag | Verhoog de pompinstelling, of vervang de pomp. |
| CV bereikt temperatuur niet | Geen circulatie in de installatie | Controleer of er circulatie is: minstens 2 of 3 radiatoren moeten open zijn. |
| Geen warm water (DHW) | DHW-debiet < 1,5 l/min. Debietmeter werkt niet | Vervang de debietmeter. |
| Geen warm water (DHW) | Geen spanning op debietmeter (5V DC) | Controleer de bedrading volgens het diagram. |
| Geen warm water (DHW) | Brander brandt niet op DHW: S3 defect | Vervang S3. |
| Warm water bereikt temperatuur niet | DHW-debiet te hoog | Stel de inlaatsamenstelling af. |
| Warm water bereikt temperatuur niet | Kaliber of vervuiling in warmtewisselaar DHW-zijde | Ontkalken of spoel de warmtewisselaar aan de DHW-zijde. |
| LED op CV-pomp knippert rood | Pomp draait niet | Reset de pomp door het fornuis voor minstens 20 seconden uit te schakelen (stand-by of stroomloos). Opmerking: als de pomp is ingesteld op 'continu actief' (parameter 2 = 1) moet het fornuis voor minstens 20 seconden stroomloos worden gemaakt. |
Community-vragen
Stel een vraag
De foutcodes zijn afkomstig uit de officiële handleiding van de fabrikant.