Mitsubishi MH2850U
Beamer · 35 Probleemoplossingen
Probleemoplossing - Mitsubishi MH2850U
Veelvoorkomende problemen en oplossingen - ook zonder foutcode op het display.
Verbinding & Smart Home 4
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Verlenging van SCART INPUT actief | SCART INPUT staat ingesteld op ON in het FEATURE menu | Stel SCART INPUT in het FEATURE menu in op OFF. (Zie pagina 25) |
| Beschadigde kabels naar externe apparaten | Kabels naar aangesloten apparaten zijn beschadigd of niet goed aangesloten | 1. Controleer of de aan externe apparaten aangesloten kabels niet beschadigd zijn. 2. Als een verlengsnoer wordt gebruikt, vervang het door de meegeleverde kabel. 3. Als beelden correct worden weergegeven, voeg een RGB-signaalversterker toe aan het verlengsnoer. |
| Geen signaal weergegeven | Aangesloten apparaat is niet ingeschakeld of niet correct aangesloten | 1. Zet het vermogen van het aangesloten apparaat in. 2. Controleer of het aangesloten apparaat signalen uitvoert. 3. Controleer of de kabel naar het externe apparaat niet defect is. 4. Controleer of de projector correct is aangesloten op het externe apparaat met de juiste terminals. 5. Controleer of het aangesloten apparaat correct is geselecteerd als invoerbron. 6. Als een verlengsnoer wordt gebruikt, vervang het door de meegeleverde kabel. Als beelden correct worden weergegeven, gebruik een RGB-signaalversterker met het verlengsnoer. |
| Geen audio-uitvoer | Volumeregelaar staat te laag ingesteld | Controleer dat het volume niet te laag is ingesteld. |
Installatie & Opstelling 2
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Lensopening niet verwijderd | Lensdop zit nog op de lens | Verwijder de lensopening. |
| Geprojecteerde beelden zijn vervormd | Projector en scherm zijn niet loodrecht op elkaar | Zorg dat de projector en het scherm loodrecht op elkaar staan. (Zie pagina 10) |
Onderhoud & Verzorging 7
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Luchtinlaat of uitlaat wordt geblokkeerd | Objecten blokkeren de luchtinlaat of uitlaatrooster | 1. Verwijder de objecten die de luchtinlaat of uitlaat blokkeren. 2. Trek de voedingskabel uit het stopcontact. 3. Zorg ervoor dat de projector is afgekoeld. 4. Steek de voedingskabel in het stopcontact. 5. Druk op de POWER-knop. |
| Filter verstopt met vuil en stof | Filter vangt vuil en stof van het milieu | 1. Controleer of het filter verstopt is met vuil en stof. 2. Maak het filter schoon. (Zie pagina 40) |
| Lamp brandt niet aan | Lamp bereikt het einde van zijn levensduur of onvoldoende afkoeling | 1. Wacht 1 minuut na het uitschakelen van de lamp voordat u probeert deze opnieuw aan te zetten. 2. Druk meerdere keren op de POWER-knop. 3. Vervang de lamp als deze aan het einde van haar levensduur is. |
| Lampkap niet gesloten | Lampkap op de onderkant is niet correct gesloten | Controleer of de lampkap gesloten is. (Zie pagina 39) |
| Intake vent is vuil | Luchtinlaat is verstopt met vuil | Controleer dat de luchtinlaat schoon is en maak deze schoon indien nodig. |
| Lamp moet vervangen worden | STATUS-indicator is steady rood, wat aangeeft dat de lamp vervangen moet worden | Vervang de lamp. |
| Lamp gaat uit na korte tijd | Lamp is verouderd of heeft slechte kwaliteit | Vervang de lamp. |
Overige problemen 2
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Wachtwoord vereist voor invoer | Wachtwoordfunctie is ingesteld op DISPLAY INPUT in het FEATURE menu | Voer het wachtwoord in of neem contact op met de beheerder van de projector. (Zie pagina 33) |
| Menu kan niet gebruikt worden | Microcomputers in de projector werken niet correct vanwege ruis | 1. Druk op de POWER-knop om de lamp uit te schakelen. 2. Trek de voedingskabel uit het stopcontact. 3. Wacht ongeveer 10 minuten. 4. Steek de voedingskabel in en probeer opnieuw. |
Prestaties & Werking 1
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Geen beeld op het scherm - AV mute ingeschakeld | AV mute-functie is ingeschakeld | Druk op de MUTE-knop om AV mute uit te schakelen. |
Stroomvoorziening & Elektronica 2
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Projector kan niet ingeschakeld worden | Stroomtoevoer niet aangesloten of vermogen niet ingeschakeld | 1. Controleer of de indicatoren aan of uit zijn. 2. Sluit de voedingskabel op de projector aan. 3. Steek de voedingskabel in een stopcontact. |
| Projector schakelt zichzelf uit | Luchtinlaat en/of uitlaatopeningen zijn geblokkeerd of automatische uitschakeling is ingesteld | 1. Verwijder objecten die luchtinlaat en/of uitlaat blokkeren. 2. Wacht tot de inlaat- en/of uitlaatventilator stopt. 3. Trek de voedingskabel uit het stopcontact. 4. Wacht ongeveer 10 minuten. 5. Steek de voedingskabel in het stopcontact. 6. Druk op de POWER-knop. 7. Controleer dat AUTO POWER OFF is ingesteld op OFF. |
Spoelresultaat & Droging 16
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Geprojecteerde beelden trillen | Kabel naar extern apparaat is instabiel of niet goed aangesloten | 1. Controleer of de kabel naar het externe apparaat niet instabiel is. 2. Sluit de stekker van de kabel stevig aan op de connector van het externe apparaat. |
| Geprojecteerde beelden zijn verschoven | Projector en scherm zijn niet goed uitgelijnd of computer stuurt out-of-spec signalen | 1. Project een afbeelding met veel tekst zoals een helpmenu en druk op de AUTO POSITION-knop. 2. Sommige computers kunnen op zeldzame momenten out-of-spec signalen uitvoeren. Pas het SIGNAL menu aan. (Zie pagina's 30 en 31) |
| Geprojecteerde beelden zijn donker | Helderheid en contrast zijn niet optimaal ingesteld of lamp is versleten | 1. Pas BRIGHTNESS en CONTRAST aan in het IMAGE menu. (Zie pagina 28) 2. Vervang de lamp. (Zie pagina 38) |
| Geprojecteerde beelden zijn wazig | Focus niet correct ingesteld, lens vuil, flikkering of tracking problemen | 1. Stel de focus in. (Zie pagina's 15 en 19) 2. Maak de lens schoon. 3. Druk op de pijl omhoog of omlaag op de afstandsbediening om flikkering te verwijderen. 4. Pas TRACKING en FINE SYNC aan in het SIGNAL menu. (Zie pagina 31) |
| Onscherpe beelden door tracking- of sync-problemen | TRACKING en FINE SYNC niet correct ingesteld | Pas BRIGHTNESS en CONTRAST in het IMAGE menu aan. (Zie pagina 28) Pas TRACKING en FINE SYNC in het SIGNAL menu aan. (Zie pagina 31) Zorg dat de projector en het scherm loodrecht op elkaar staan. (Zie pagina 10) |
| Nabeelden blijven op het scherm aanwezig | Stilstaande afbeelding is te lang weergegeven op het scherm | Dit verschijnsel wordt verbeterd door continu een gelijkmatig donker beeld te projecteren. |
| Rode, blauwe en groene stippen in geprojecteerde beelden | Dit is inherent aan LCD-projector en is geen defect | Dit is een normaal verschijnsel voor LCD-projectors. Dit is geen defect. |
| Zwarte stippen in geprojecteerde beelden | Dit is inherent aan LCD-projector technologie | Dit is een normaal verschijnsel voor LCD-projectors (meer dan 99,99% van de pixels zijn effectief). Dit is geen defect. |
| Fijne streepjes zichtbaar op geprojecteerde beelden | Interferentie met schermoppervlak of andere signaalonderbreking | 1. Dit is vanwege interferentie met het schermoppervlak en is geen defect. Vervang het scherm of verplaats de focus iets. 2. Vertikale of horizontale streepruis kan verschijnen afhankelijk van het type dvd-speler of spelconsole. U kunt dergelijke streepjes verminderen door LPF in te schakelen. |
| Geprojecteerde beelden worden golvend | Kabels niet goed aangesloten of interferentie van radiogolven | 1. Sluit de stekkers van de kabels naar externe apparaten stevig aan. 2. Houd de projector weg van apparaten die interferentiegel radiostraling uitzenden. 3. Wanneer keystone-aanpassing is uitgevoerd, kan de afbeelding niet correct worden weergegeven afhankelijk van het type invoersignaal. Dit is geen defect. Pas in dit geval de keystone opnieuw aan zodat de hoeveelheid keystone-correctie zo klein mogelijk is. |
| Kleurentint is niet geschikt | Beschadigde kabels naar externe apparaten | Controleer of de aan externe apparaten aangesloten kabels niet beschadigd zijn. |
| Tint in geprojecteerde beelden is onjuist | COMPUTER INPUT-instelling is onjuist of kabel is beschadigd | 1. Controleer of COMPUTER INPUT in het SIGNAL menu correct is ingesteld. (Zie pagina 26) 2. Controleer of de kabel naar het externe apparaat niet beschadigd is. |
| Verschillende kleurentint | Variatie in optische componenten tussen projectors of verschil in kleurreproductie met ander apparaat | Dit is normaal wanneer u afbeeldingen van twee projectors vergelijkt of wanneer u afbeeldingen van deze projector vergelijkt met een televisie of pc-monitor. Dit is geen defect. |
| Alleen bewegingsgebieden in afbeeldingen van de computer worden niet weergegeven | Dit wordt veroorzaakt door de gebruikte computer | Neem contact op met de fabrikant van uw computer. |
| Geprojecteerde beelden zijn verduisterd | Uitvoerresolutie van computer komt niet overeen met projectorresolutie of keystone-aanpassing is actief | 1. Zorg dat de uitvoerresolutie van uw computer overeenkomt met de resolutie van de projector. (Zie pagina 45) 2. Bij keystone-aanpassing kunnen sommige afbeeldingen en teksten verduisterd zijn. Gebruik in deze gevallen de projector zonder keystone-aanpassing toe te passen. (Zie pagina 21) |
| Ruis rond de afbeelding | Dit verschijnsel kan voorkomen bij bepaalde afbeeldingen zoals dvd's | Verlaag de instellingswaarde van OVER SCAN in het SIGNAL menu. (Zie pagina 26) |
Temperatuurproblemen 1
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Uitlaatwent geeft warme lucht af | Dit is normaal - lucht komt eruit na het koelen van het interieur van de projector | Dit is normaal en geen defect. De warme lucht is het gevolg van het koelproces van de projector. |
Community-vragen
Stel een vraag
De foutcodes zijn afkomstig uit de officiële handleiding van de fabrikant.